Voor het microprocessor was de geïntegreerde circuit uitgevonden. Het IC werd voor het eerst gedemonstreerd op 12 september 1958 door Jack Kilby van Texas Instruments
In 1971 werd de eerste microprocessor ontwikkeld: de 4004. Het IC bestaat uit circa 2.300 transistors en had een maximale kloksnelheid van ongeveer 740 kHz. De 4004 werd oorspronkelijk gebruikt in rekenmachines en eenvoudige ingebedde systemen
De 8080 die verschijnt in 1974, vormt de basis voor de eerste 'Personal Computer', de Altair 8800. (ongeveer 4.500–6.000 transistoren)
De MITS Altair 8800 wordt vaak gezien als de eerste commercieel succesvolle hobby-microcomputer; hij verscheen eind 1974 (commercieel vanaf januari 1975) en was gebaseerd op de Intel 8080. De Altair inspireerde onder meer de ontwikkeling van softwarepakketten en hobbyprojecten die de PC-markt op gang brachten.
in 1978 komt intel met de 8086, de eerste processor waarmee het rijtje échte PC processors begint. De 8086 is een 16-bit processor die bestaat uit 29.000 transistors en oorspronkelijk zijn werk doet op 4.77 MHz. De processor heeft 20 adreslijnen, waardoor het mogelijk is om 1 Megabyte geheugen aan te sturen.
Een jaar later kwam de 8088 (intern 16-bit, extern 8-bit databus), waarmee goedkopere PC-systemen gebouwd konden worden; de IBM PC uit 1981 gebruikte bijvoorbeeld een 8088 op 4,77 MHz.